Schlumbergera russelliana Schlumbergera russelliana

Schlumbergera russelliana
(Gardner)Br&R


◊ Contr. US Nat. Herb. 16:261 (1913)
◊◊ Cereus russellianus Gardner - in: Lemaire, Hort. Univ. 1:31 (1839)
Epiphyllum russellianum (Gard)Hooker - Curt. Bot. Mag. 66 afb. 3717 (1839)
Phyllocactus russellianus (Gard)SD - Cact. Hort. Dyck. 1844:37 (1845)
Epiphyllum truncatum russellianum (Gard)G.Don - in: Loudon, Encycl. Pl. ed. 3 1378 (1855)
Schlumbergera epiphylloides Lem - Rev. Hort. IV 7:253 nom. illeg. (1858)

- Dicht vertakt, tot 1 m lang. Stam rond, 1-3 cm doorsnede, geleed, met grijsbruine schors. Leden vlak, 3 cm lang, 2 cm breed, gekerfd, niet getand. Areolen met haren. Bloem actinomorf, tot 5 cm lang, fel karmijnrood. Ovarium vierkantig, donkergroen. Receptaculum 3 cm lang. Bloembladeren tot 1,2 cm breed. Stijl onderaan wit, bovenaan magenta. Meeldraden roze, helmknoppen donkerroze. Stempels crèmewit. Vrucht felrood, stomp vierkantig, 1-1,2 cm lang, 0,7 cm doorsnede. Zaad 1,5 mm, glanzend donker kastanjebruin.

- Brazilië: Rio de Janeiro (Serra dos Orgãos). Epifytisch en epilitisch in nevelwoud, 1350-2200 m.

Frst&Rmpl 872'
Cact. 4:184
Backeberg 2:727
CSJ(USA) 16():40;1975 Yearbook 5-21''
Ep. Hb. 119, 120"
KuaS 28(12):273"; 35(1):10-13; 49(7):91
Epiphytes 6-22:28'; 7:36-44, 7-28:80-88", 8-31:59; 10-37:19"; 10-38:55; 12-46:39
Bradleya 8:48-52; 13:71", 75
NCL 258"
EPIG 4(4):82-86"; 9(3):115" 78:1", 5-17"