Rhipsalis neves-armondii
KSch


◊◊ Flora Bras. 4(2):284 (1890)
Rhipsalis foveolata Web - Dict. Hort. Bois 1047 (1898)
Lepismium neves-armondii (KSch)Backbg - Kaktus-ABC 155 (1935)

- Fors, eerst rechtop, kransen van 5-7 leden vormend, cilindrisch, matgroen, 3-10 cm lang, 3-5 mm doorsnede. Schubjes klein, wit, met rode rand. Borsteldoorns 3-5, zeer klein, wit. Bloem 1,8-2 cm doorsnede, wit tot geel. Meeldraden boven wit, verlopend via roze naar geelrood. Stamper geelachtig wit. Vrucht rood. Zaad 2 mm, niervormig, glad, zwart. Bloeitijd mei tot juni.

- Brazilië: Bahia, Rio de Janeiro (Petrópolis, T: Tijuca-berg), São Paulo, Paraná, Santa Catarina. Epifytisch en terrestrisch in kustwouden, tot 1000 m.

Cact. 4:233, plate 24, 28
Backeberg 2:692
KuaS 24(11):257"; 25(8):172', (9):200
Bradleya 13:50, 51'
EPIG 4(2):33; 11(3):75-81'
NCL 256"
Succulenta 97(5):223-225"
Rodriguésia 71 (2020)